Overheidscommunicatie tussen 1995 en 2010

De moeizame slag om het publiek vertrouwen

 

Stilte rond embargo markeert nieuwe verhouding media-overheid

 De Algemene Beschouwingen zijn een week uitgesteld. Aanleiding is het besluit de begrotingsstukken pas op Prinsjesdag aan de Kamer beschikbaar te stellen. Meer dan een enkel nieuwsbericht heeft het uitstel niet opgeleverd. Dat mag in dubbel opzicht opvallend heten.

In het eerste decennium van deze eeuw is het elk jaar bal in de aanloop naar Prinsjesdag. Begrotingsstukken lekken voortijdig uit, waardoor een meer dan een halve eeuw bestaand systeem van verstrekking onder embargo ter discussie komt te staan. In die discussie zijn drie partijen te onderscheiden: het kabinet, de Tweede Kamer en de media. In die discussie worden grote woorden niet geschuwd. Maar nu is het dus stil. De media zeggen niets. De Tweede Kamer besluit enigszins verongelijkt de Algemene Beschouwingen een week later te agenderen, maar een rimpeling in de Hofvijver veroorzaakt dat niet.

Voorstel RVD leidt in 1974 tot commotie 

Gijs van der Wiel

Gijs van der Wiel, van 1968 tot 1983 hoofddirecteur Rijks Voorlichtings Dienst (RVD)

De huidige werkwijze van het verstrekken van de stukken direct na de formele aanbieding aan de Tweede Kamer wordt reeds in 1974 door Rijksvoorlichtingsdienst-directeur Gijs van der Wiel voorgesteld. Op 30 juli schrijft hij het Genootschap van Hoofdredacteuren dat door het grote aantal stukken dat in verband met de Derde Dinsdag onder embargo wordt uitgereikt het voor de overheid niet mogelijk is met alle organen die daaruit gaan publiceren een persoonlijke regeling te treffen. Bovendien acht hij het voor een ingevoerde journalist kinderspel buiten het ministerie van Financiën of de RVD om een exemplaar in handen te krijgen, ‘waaruit hij dan vrij mag publiceren. Het wederom uitreiken van de stukken op de zaterdag voorafgaande aan de Derde Dinsdag zou nu in feite de vrijgave ervan betekenen.’ De hoofdredacteuren laten dit niet over hun kant gaan. Op 15 augustus 1974 vindt er ‘een gecombineerde vergadering plaats van de sectie hoofdredacteuren van de NVJ en het Genootschap van Hoofdredacteuren en gemachtigden van de hoofdredacteuren van De Telegraaf, Het Parool en De Waarheid.’ Zij komen met de RVD overeen dat er geen aanleiding is voor een wijziging van de bestaande regeling, waarbij de redacties zich verbinden niet uit de onder embargo verstrekte stukken te publiceren. En ook geen beroep zullen doen op vrije nieuwsgaring na de verstrekking van de stukken tot aan de afloop van het embargo. De verhoudingen zijn hersteld en – naar later blijkt – voor bijna dertig jaar vastgelegd.

Deze overeenkomst respecteert de belangen van beide partijen. Het kabinet heeft er belang bij op één moment al zijn voornemens in de gewenste evenwichtige samenhang te presenteren. Voor de media spelen naast de ideële opvatting over haar functie in de democratie commerciële overwegingen een rol. Het embargo geeft wat tijd voor een Prinsjesdag-bijlage, een bewaar-­exemplaar, voor lezers en scholieren waarin alle redactionele deskundigheid en visie volop tot uitdrukking kunnen komen.

Vervroeging Algemene Beschouwingen 

De Tweede Kamer speelt in dit alles pas vanaf 1993 mee als op voorstel van de fractieleiders Elco Brinkman (CDA) en Thijs Wöltgens (PvdA) de Algemene Politieke en Financiële Beschouwingen niet langer drie of meer weken na Prinsjesdag plaatsvinden. De Algemene Politieke Beschouwingen worden direct na Prinsjesdag geagendeerd, de Financiële Beschouwingen twee weken later. Het komt dan goed uit dat de stukken onder embargo worden verstrekt, zodat het debat goed kan worden voorbereid.

Wat later worden de fracties nog verder tegemoet gekomen door hen de conceptversie van de Miljoenennota ter beschikking te stellen die ruim een week voor Prinsjesdag aan de Raad van State ter advisering wordt voorgelegd. Het is deze versie die al snel ook onder goed ingevoerde parlementair journalisten circuleert. Mondjesmaat worden er enkele krenten uit de pap gepresenteerd. Niemand vindt het belangrijk genoeg er iets aan te doen. De belangen bij de instandhouding van de embargoregeling zijn ondanks de lekkages groot genoeg.

De rust aan dit front wijzigt fundamenteel met de digitalisering. De nieuwe media hebben lak aan de belangen van de schrijvende pers bij een Prinsjesdagbijlage. De triomfalistische presentatie in 2004 van Frits Wester van de Miljoenennota in RTL Nieuws een dag nadat de ‘Raad van State-versie’ aan de fractieleiders ter hand is gesteld, wekt woede bij in het vak vergrijsde Haagse collega’s van de schrijvende pers. Zij zien terecht het einde naderen van een situatie waar zij jarenlang garen bij hebben gesponnen.  

Lekkages zijn niet te stoppen 

Hoe goed de verstrekking van de stukken nadien ook wordt beveiligd, de lekkages laten zich niet stoppen. Het is opvallend dat in de discussie daarover de Tweede Kamer zich het stevigst roert. Voor de media lijkt de regeling over zijn houdbaarheidsdatum heen. De Tweede Kamer ziet echter haar belang van Algemene Beschouwingen direct na Prinsjesdag, die in feite een spin-off is van de voor media bedoelde embargoregeling, bedreigd. Zozeer hecht ze eraan dat ze geen overeenstemming met het kabinet kan bereiken over een embargoregeling. Als in 2009 Tweede Kamerlid Paul Tang moet toegeven dat hij een van de begrotingstukken aan RTL Nieuws heeft gegeven, is de positie van de Tweede Kamer niet langer houdbaar.

Jarenlang hebben de media de overheid klein gehouden in haar pogingen rechtstreeks met burgers te communiceren. Het eerste naoorlogse kabinet heeft in ‘Commentaar’ een eigen krant, maar die sneeft al snel door de weerstand van de met papierschaarste worstelende media tegen deze vorm van ‘propaganda’.
Nieuw beleid moet via de media worden gepresenteerd, overheidsbrochures mogen uitsluitend over reeds vastgesteld beleid gaan. Daarin komt in 1999 verandering. Het ministerie van Financiën presenteert kort na elkaar op internet het wetsontwerp Belastingherziening 2001 en de volledige Rijksbegroting; voorgenomen beleid en ook nog eens van nadere toelichtingen op onderdelen voorzien. Alleen Kamerlid Marja Wagenaar, gepromoveerd op de geschiedenis van de RVD, merkt het op in een debat met minister Van Boxtel over het ICT-beleid van de overheid: ‘Publiekscampagnes mogen alleen gaan over vastgesteld beleid. Deze afspraak wordt geschonden, met de voorlichtingscampagne over het belastingplan voor de 21ste eeuw.’ Niemand pakt het verder op, Van Boxtel reageert niet en Wagenaar laat het verder rusten.

Ontwikkeling eigen media 

De rijksoverheid kan ongestoord verder gaan met de ontwikkeling van ‘eigen media’, met bijvoorbeeld de vervolmaking van de informatie over de Rijksbegroting. Speciale Prinsjesdagbijlagen zijn overbodig. Journalisten en andere professionals worden met de Prinsjesdag-app op de hoogte gebracht, voor scholieren en studenten zijn er tal van leermiddelen ontwikkeld. Het leidt tot geen enkele reactie van de media. In 2010 sputtert NVJ-secretaris Thomas Bruning nog even over de ontwikkeling van video-persberichten, die door de Rijksoverheid worden verspreid en die op websites van media worden geplaatst. ‘Het maken van die video’s is ons werk’, is zijn stelling, maar bijval krijgt hij niet.

De toekomst van de media is een onderwerp van een levendige discussie. De media zoeken naarstig naar de belangstelling van een koopkrachtig publiek. Ze hebben zich daarin er al bij neergelegd geen rol meer te spelen in de feitelijke informatievoorziening aan burgers.

Zit de Tweede Kamer nu met de verlieskaart? Kunnen de Algemene Beschouwingen nooit meer direct na Prinsjesdag worden gevoerd?

Alternatieven zijn te vinden in ‘Publiek geheim’. Het rapport dat begin 2010 is uitgebracht door de commissie-De Wijkerslooth, die in opdracht van de Tweede Kamer de affaire-Tang heeft onderzocht. Uit de internationale vergelijking die daarin wordt gepresenteerd, blijkt dat nergens het parlement begrotingsstukken onder embargo krijgt. En dat nergens dat als belemmering voor een snel debat geldt. Voor liefhebbers van het parlementaire debat geven de Britten het mooiste voorbeeld. Direct na de presentatie van zijn begroting in het Lagerhuis krijgt de minister van Financiën lik op stuk van de oppositie. Minstens een week voorbereiding? Ze hebben er daar niet van gehoord. En de kwaliteit is er niet minder om.  

__________________________________________________________ 

Eerder gepubliceerd in Villamedia donderdag 1 augustus 2013